door Jan Aartsen | woensdag, 3juni, 2026 | Sicilië
Onze laatste dag staat in het teken van cultuur. We beginnen met een rit door de wilde Italiaanse rijcultuur, waar ik me inmiddels aardig thuis voel met mijn huur Skoda. Zonder aarzelen duik ik rotondes in waar haaientanden slechts als decoratie op de weg zijn geschilderd. Afslaan op de snelweg doe je pas op het laatste moment, nadat je vol op de rem bent gegaan op de rechterbaan om het verkeer achter je maximaal te hinderen. Motoren hoef je niet in de gaten te houden, die racen door alle beschikbare verkeersopeningen.
Onze bestemming is een archeologisch park met oude theaters en bijzondere grotten. In het Griekse theater worden nog steeds voorstellingen gegeven, en om dat mogelijk te maken hebben ze de boel wat aangepast aan de moderne wensen. Het resultaat stemt ons wel wat verdrietig. (Zie foto)
Het oor van Dionysius is wel het leukst: een enorm uitgehouwen grot met de akoestiek van een kathedraal. Er nestelen een paar duiven die samen het geluid maken van een kolonie hongerige zeemeeuwen.
Na dit geheel rommelen we door Syracusa naar Ortigia.
Daar nemen we ons eerste Italiaanse ijsje van deze vakantie, wat we zelf heel netjes vinden. We doen een zelf ontworpen stadswandeling en bezoeken de belangrijkste kerk.
Het meest opvallende is een dame die op het grote plein voor de kerk de Tango danst met een paraplu, hetgeen al vreemd is aangezien er geen regenwolk te zien is. Het hoedje op de grond suggereert dat dit een betaalde baan is, maar helaas denkt de menigte daar heel anders over. Geen foto durven maken, het was te gênant.
Het is tijd om af te ronden. We gaan terug naar het hotel voor het laatste avondmaal. Morgen vroeg weer op voor de terugreis.
door Jan Aartsen | woensdag, 3juni, 2026 | Sicilië
Na een heerlijke nachtrust van meer dan zes uur zijn we helemaal klaar voor de nieuwe dag. Voor de liefhebbers is hier alvast een voorproefje van het taartjes buffet. We hebben onszelf weer tegoed gedaan aan al het lekkers en zijn in de auto gestapt richting Taormina.
Onze lieve heer had echter andere plannen en besloot eerst de plantjes water te geven. Dus, aangekomen in Taormina, zijn we direct omgedraaid om het in de middag opnieuw te proberen. Door de regen lopen kunnen we thuis ook wel.
Gelukkig was het in de middag droog, en het bleek dat Italianen ook niet van regen houden. Ze hadden massaal gewacht om mij voor de voeten te lopen in de smalle maar prachtige straten van Taormina en Castelmola, een charmant dorpje in de buurt, maar dan wel op de berg.
Om even te ontprikkelen, doken we hier en daar een zijstraatje in. Maar onder de streep zijn beide bestemmingen zeker de moeite waard.
Straks trek ik weer mijn sterrenpakje aan voor onze tweede diner-experience.
door Jan Aartsen | woensdag, 3juni, 2026 | Sicilië
Voor ons diner bij La Cucina di Donna Carmela trok ik mijn enige overgebleven witte overhemd aan. (Een Eagles hoodie is tenslotte niet gepast in een Sterrenrestaurant.) Het water was voortreffelijk, maar we kozen voor het wijnarrangement. Alle gerechten en wijnen waren lokaal geproduceerd. We genoten van talloze gangen, elk even voortreffelijk. De bediening was ook uitstekend, dus daar hoef ik niet verder over uit te weiden. Deze hoge standaard zetten we voort bij het ontbijt, dat ook fantastisch was. Morgen maak ik zeker een foto van het taartjes buffet.
Na het ontbijt haalden we de autosleutel bij de receptie. Ze vroegen of ze de auto voor ons wilden voorrijden, maar ik weigerde beleefd. We liepen zelf de 50 meter door de botanische tuin naar de parkeerplaats.
Vervolgens reden we met onze Skoda de berg op en namen we de kabelbaan voor het laatste stukje naar grote hoogte. Je kunt je ook laten vervoeren in een bus die je verder brengt, waarna je in colonne naar een van de kleinere kraters kunt lopen. Daar hadden we echter geen zin in.
Ik heb een hekel aan Italianen die met een vlag in de hand altijd voorop willen lopen. We namen de kabelbaan terug en keken met enige bewondering naar de wandelaars en fietsers die om een punt te maken op eigen kracht naar boven proberen te komen.
Thuis kwamen we bij van onze hoogtestage en reden we ’s avonds naar Riposto. Voor de prijs van twee glazen wijn bij Donna Carmela aten we er een hele pizzamaaltijd. Zo sparen we genoeg geld om morgen weer bij La Cucina di Donna Carmela te kunnen dineren. Onze kamer was overbodig voor een tweede keer schoongemaakt en onze slofjes stonden keurig voor ons klaar.
door Jan Aartsen | woensdag, 3juni, 2026 | Sicilië
Zodeknetter, dat was vroeg. Om 02:30 ging de wekker vanochtend na een paar uurtjes onrustig draaien. Als een dief in de nacht zijn we het huis uitgeslopen om de jongens niet mee te laten genieten van ons vertrek naar Sicilië, want het is en blijft een gewone werkdag. Gelukkig speelden de honden het spelletje mee en hielden ze het rustig.

Auto parkeren op P3 en voordat we het in de gaten hebben, zitten we op tijd en comfortabel (not) op een Transavia stoel. Gelukkig is de vlucht te kort om een serieuze knieblessure op te lopen. We hebben wind mee en we vliegen met 900km per uur in 2 uur en 30 minuten naar Catania op Sicilië. We vliegen pal langs de Dame Etna, die als een puffende travestiet op haar rug ligt te roken.
Op de luchthaven zoek ik ter vergeefs naar Sunny Cars autoverhuur. Na herlezen van de voucher is de service gegund aan een lokale partij. Die zit natuurlijk niet in de aankomsthal met alle bekende verhuurbedrijven, maar ook niet buiten op het verhuurplein waar alle auto’s staan. Nee, er blijkt nog een VIP plaza te bestaan achter de rest. Inmiddels heb ik mijn 10.000 stappen voor het ontbijt al op de teller staan.
Eenmaal gevonden zijn we hartstikke blij, want 1 stel is reeds in het kantoortje bezig een auto te bemachtigen, en we sluiten aan bij het buiten wachtende Nederlandse stel. Hoelang kan zoiets duren, denk je dan.
Nou, dat kan zeker vijf kwartier duren als de dame die je helpt een indicatie heeft. Beroepsmatig herken ik het type direct. Hartstikke vriendelijk en behulpzaam, maar elk stapje in de computer wordt met 1 vinger en zweet op de bovenlip uitgevoerd.
Ons krijgen ze echter niet gek, en uiteindelijk storten we ons in het chaotische Cataniaanse verkeer. Het enige verschil met Marokko is dat de ezels hier niet op de weg lopen, maar in de auto zitten.
Wat is Nederland toch een toppertje wat betreft infrastructuur en rijgedrag.
Op weg naar ons verblijf stoppen we op drie toeristische trekpleisters. Een mooie kerk, een rots in zee en nog een kerk.
Gelardeerd met heerlijke Italiaanse koffie, pistache cornetto’s en een frisje op het terras.
Het vastgoed hier kan wel een financiële injectie uit Europa gebruiken, dus reizen we door naar Donna Carmela, ons hotel.
De toegangspoort tot de hemel wordt hier niet door Petrus bewaakt, maar door twee in het groen gestoken engeltjes die in tegemoet komen rennen en ons hartelijk welkom heten. Ik weet nog steeds niet wie Donna is en wie Carmela, maar na inleveren van de autosleutel, paspoorten en creditcard krijgen we een persoonlijke rondleiding over het landgoed en worden we verwend met een lichte lunch en een lokale (heerlijke) wijn.
Met onze laatste wilskracht slepen we ons onder begeleiding naar onze Lodge, die groter is dan menig vakantiehuisje.
Straks wordt het lekker dineren op zijn sjiekst, zullen we maar zeggen. Morgen gaan we de Dame bezoeken.
Recente reacties